In de eerste plaats denk ik dan aan enkele missers, zoals de gedachte dat alleen sji'ieten  ‘Isa (Jezus) aan het eind der tijden terug zouden verwachten. En juist sji'ieten voelen wel iets mee met de betekenis van een plaatsvervangende dood van een profeet, omdat hun imaams alle twaalf(elf?) gedood zijn. Ook is een vergelijking tussen de tocht van Jezus naar Jeruzalem wellicht logischer met die van Mohammed naar Medina (de hidjra), dan de tocht naar Mekka. De hidjra is voor moslims immers het sleutelmoment waarmee de islam begint, te vergelijken met de centrale betekenis van de kruisdood en opstanding van Jezus in de Evangeliën.  Belangrijker is echter, dat voorgestelde twee cruciale verschillen tussen islam en christelijk geloof de kwestie van Isaak/Ismaël en het kruis zouden zijn. Dat eerste, de tegenstelling tussen Isaak en Ismaël speelt echter helemaal niet zo'n belangrijke rol. Waar het om gaat is een hele andere visie op openbaring, waarmee niet alleen Isaak, maar de hele heilshistorische weg van belofte en verbond zoals die in het Oude Testament beschreven grotendeels buiten beeld raakt, ten gunste van een openbaring aan Mohammed die al het eerdere zou vervangen. Het gaat om een totaal andere verhouding tussen God en mens, waarbij voor de incarnatie, de komst van God in Jezus Christus naar deze aarde geen plaats is. Jammer dat Janse dat niet verduidelijkt, want dat Allah geen zoon heeft op de manier waarop de Koran daarover spreekt, daarmee stemmen wij als christenen in. In de tweede plaats heeft het verschil rondom het kruis niet alleen met het Nieuwe Testament te maken, maar ook met de Tenach. Want ook voor de betekenis van de offerdienst is geen enkele plaats in de islam. Het begrip verzoening tussen God en mens komen we dan ook niet tegen in de Koran. Overigens zegt Janse behartenswaardige woorden over Gods kracht in zwakheid en over de noodzaak van een kritische dialoog. Ook de andere artikelen in het boekje zijn allezins lezenswaardig.

Cees Rentier