Afbeeldingen:

  • Koranhandschrift uit de 9e eeuw in Tunesië. nog zonder klinkertekens.
  • Schema: Eén letterteken vertegenwoordigde vijf verschillende letters met vervolgens weer drie mogelijkheden voor klinkers. Maar liefst 15 verschillende mogelijkheden voor interpretatie.

De Koran spreekt positief over de boeken van de eerdere profeten: De Tauraat (Thora) van Moesa, de Zaboer (Psalmen) van Dawoed en de Indjiel van Isa (bedoeld wordt het Evangelie van Jezus). Moslims leren echter dat joden en christenen de oorspronkelijke boodschap vervalst hebben. De Koran spreekt in soera 3:78 van verdraaiing van de tekst als deze voorgelezen wordt: “En onder hen is er een groep die hun tongen verdraaien bij (het voorlezen van) het boek, zodat jullie zullen denken dat het uit het boek is, terwijl het niet uit het boek is. En zij zeggen: ‘Het komt van God’, terwijl het niet van God komt.” Maar soera 2:79 gaat over vervalsing (tahrief) van de Schrift zelf: “Wee hen die het boek eigenhandig schrijven en dan zeggen: ‘Dit komt van God’.” 

De kritiek van moslims op de Bijbel is al lang min of meer hetzelfde:

1. Dit is helemaal geen Woord van God.

Moslims verwachten een verticale lijn: God spreekt tot de mens. Volgens hen is in de Koran God zelf steeds aan het woord. Een dictaat dat al eeuwig bestond en in de tijd is ‘neergezonden’. De Bijbel lijkt voor moslims een boek met een horizontale beweging. Matteüs, Markus, Lukas en Johannes schrijven over Jezus. Deze mannen waren geen profeten, maar metgezellen of latere volgelingen van Jezus. Moslim leren dat God de profeet Jezus een boek geschonken heeft, de indjiel. Dat kan het Nieuwe Testament dus niet zijn . Het Nieuwe Testament doet hen meer denken aan de overleveringen van de profeet Mohammed, de hadieth. In deze boeken staat opgetekend wat Mohammed gezegd en gedaan heeft in allerlei situaties. Over de betrouwbaarheid ervan is vandaag echter veel discussie onder moslims.

In antwoord hierop kunnen we zeggen dat christenen niet geloven dat God boeken aan profeten heeft gedicteerd. We geloven dat God tot mensen gesproken heeft en dat de Geest van God mensen geleid heeft om het belangrijkste uit die eeuwenlange geschiedenis van God met mensen op een betrouwbare manier op schrift te stellen. God gebruikt dat om Zichzelf aan ons bekend te maken.

2. De Bijbel staat vol fouten en tegenstrijdigheden.

Inderdaad zijn er door het eeuwenlang handmatig overschrijven foutjes in handschriften van de Bijbel gekomen en zijn er soms aanpassingen geweest die onterecht waren. Gelukkig zijn er zoveel handschriften dat we in de meeste gevallen kunnen achterhalen wat de oorspronkelijke tekst was. Christenen erkennen de verschillen en iedereen kan ze bestuderen. Dat schept meer vertrouwen dan het bericht dat kalief Oethman afwijkende versies van de Koran verbrandde. Die afwijkende versies worden nog steeds gevonden. In de eerste periode waren er in het Arabisch nog geen klinkertekens en diakritische tekens. Zoals het schema laat zien, betekent dat, dat de tekst op veel verschillende manier kon worden gelezen. Nog steeds circuleren er twee verschillende versies van de Koran in de moslimwereld (die van Hafs en die van Warsh).

3. Christenen veranderen de Bijbel voortdurend

Omdat talen voortdurend veranderen, zijn er steeds weer nieuwe vertalingen nodig om de boodschap van de Bijbel goed over te brengen zodat mensen die na zoveel eeuwen nog begrijpen. Maar over de grondtekst is onder christenen grote overeenstemming. Veel dingen die op het eerste gezicht tegenstrijdig lijken, worden duidelijk als je de taal en de cultuur van die tijd en het geheel van de Bijbel goed bestudeert. Vrijwel elk Bijbelcommentaar geeft een verklaring voor de tegenstrijdigheden waar moslims mee komen. Het kan daarom behulpzaam zijn om een studiebijbel te gebruiken in het gesprek met moslims. Soms moeten we erkennen dat het voor ons nu niet helemaal duidelijk is wat er zich precies afspeelde, maar vaak was de bedoeling van de Bijbelschrijver ook niet om alle details te beschrijven voor nieuwsgierige lezers later. Hij had een heel bepaalde boodschap te vertellen. Misschien moeten we daar eerst met elkaar over spreken.

4. Van veel Bijbelboeken is niet duidelijk wie de auteur is en christenen zijn het er niet over eens wat de canon van de Bijbel is.

Zoveel vrijheid voor discussie is vreemd voor moslims. Moslimwetenschappers die kritische vragen stellen over de Koran zijn soms hun leven niet zeker. We kunnen uitleggen dat de vraag of de Bijbel betrouwbaar doorgeeft wat God gezegd en gedaan heeft uiteindelijk ook een geloofsvraag is, waarin anderen je niet kunnen dwingen. Alleen als we de Bijbel gaan lezen kan God ons daarvan overtuigen. De 66 boeken van de Bijbel worden door vrijwel alle christenen op aarde als gezaghebbend aanvaard. Overigens is het concept van auteurschap van Bijbelboeken heel anders dan wat moslims verwachten. Het hele idee dat iedere profeet een boek krijgt gedicteerd, is vreemd aan de Bijbel. Alleen moslims geloven dat zoiets bij Mohammed is gebeurd.

Het is belangrijk om niet te lang bij dit soort vragen te blijven staan, maar moslims ertoe te verleiden kennis te maken met de inhoud van de Bijbel. Die spreekt meestal krachtiger dan onze argumenten. Een aantal suggesties. 

1. Omdat moslims soms weerstand hebben tegen het boek, kun je beginnen met het mondeling delen van Bijbelverzen. Mozes heeft dit geleerd…, David heeft dit lied gemaakt…. , Jezus heeft gezegd… etc.

2. Heb je buren of collega’s die moslim zijn? Vraag dan of men wel eens in de Bijbel gelezen heeft. Soms zeggen moslims ja, maar bedoelen ze dat ze de Koran hebben gelezen of dat ze in de Koran over de Bijbel gelezen hebben. Vraag dus door, bijvoorbeeld: Welk gedeelte sprak jou aan? Wat riep vragen op? Hebben ze nog geen Bijbel, bied er dan een aan.

3. Als de reactie is dat de Bijbel onbetrouwbaar is, kun je vragen of ze dat zeggen omdat ze dat gehoord hebben, of op grond van wat ze zelf gelezen hebben. In het eerste geval kun je ze motiveren dit zelf ook te onderzoeken, in het tweede geval kun je vragen welk gedeelte dan vragen opriep en dat gedeelte erbij nemen.

4. Leg bij het geven van een Bijbel altijd even uit hoe die in elkaar zit en waar ze de woorden van Mozes, David en Jezus kunnen vinden.

5. Ga zelf eervol met de Bijbel om die je zelf gebruikt. Leg hem nooit op de grond of op een vuile plaats. Een mooie hoes kan heel geschikt zijn en praktisch zijn.

6. Behandel bij Bijbelstudie een concreet en niet te groot Bijbelgedeelte. Meestal zal het beter zijn om met concrete woorden en daden van Jezus en de profeten te beginnen. Abraham, Mozes, David en Jezus zijn als namen heel bekend voor moslims, maar hun boodschap is bij de meeste moslims onbekend.

7. Laat de ander het zelf opzoeken en voorlezen. Vraag voordat je zelf iets over de betekenis zegt, wat de ander opvalt en wat vragen oproept. De kans is groot dat het gedeelte hen (ook) andere dingen te zeggen heeft dan wij vooraf kunnen bedenken.

8. Het offer, de tempeldienst en de feesten van het Oude Testament zijn onbekend. Zelfs de volgorde van de profeten kent men vaak niet. Probeer de studie eenvoudig te houden, rondom één thema, zonder (veel) uitweidingen.

9. Probeer samen helder te krijgen wat de boodschap is voor ons. Wat leren we over God? Wat leren we over onszelf? Wat vraagt God van ons? Een gesprek is beter dan een monoloog. Al vragend ontdek je ook beter wat ze wel en niet begrijpen.