OriŽntatie

Een selectie van recente artikelen uit ons kwartaalblad

Mijn wortels liggen in Armenië, cultureel gezien een christelijk land. Ik was negen jaar oud toen we naar Nederland vluchtten. We kwamen in een azc, waar we langere tijd met moslims in huis kwamen te wonen. De meeste van mijn vrienden waren moslims en of je het wilt of niet, als je lange tijd met elkaar samenleeft ga je bepaalde aspecten van het geloof vanzelf adopteren. Ik had daardoor een soort mixgeloof gekregen.

Nadat we in 2007 een verblijfsvergunning kregen raakte ik echt verslaafd aan lezen. Per dag las ik minstens vier uur in de Bijbel en de Koran. Ik keek naar debatten en las artikelen en verdiepte me in allerlei theorieën van verschillende stromingen. Het werd voor mij steeds duidelijker: het is óf het één, óf het ander. Ik zei tegen mezelf: ik ga heel eerlijk tegenover God zijn. Als er redenen zijn waarom Mohammed de laatste profeet zou zijn of waarom de Bijbel vervalst zou zijn, dan word ik gewoon moslim. Uiteindelijk heb ik een duidelijke keuze gemaakt voor Jezus.

Dromen over moslims

Ik ging daarna naar Delft om architectuur te studeren. Bij een Alpha-cursus voor studenten zei de spreker na afloop dit tegen mij: ‘Het is goed dat je naar God luistert in plaats van zelf te doen wat je denkt dat goed is’. Toen ik naar huis was gegaan bad ik erover en begon daarna dromen te krijgen, dagen achter elkaar. Dromen waarin ik mezelf zag staan tegenover moslims, waarin ik met hen aan het praten was, of waarin ik moslims aankleedde en eten gaf, of een droom waarin ik kleumende moslimvrienden hielp om het warm te krijgen, of een droom waarin ik naast hen stond en de weg wees. Dat was het moment dat ik ervoor koos om me volledig te verdiepen in de islam, tot en met het bestuderen van de ahadieth en siraat (islamitische tradities over Mohammeds leven). Na de studie bouwkunde ging ik verder met islamstudies en een master christelijke theologie. 

Apologetiek

Zo ben ik begonnen om verdiepende gesprekken te hebben met mensen en ik merkte al best snel dat het lukte om vrucht te dragen: moslims begrepen mijn argumenten waarom ik niet voor de islam gekozen had maar voor Jezus. Zo kwamen zij ook tot de overtuiging: je hebt eigenlijk geen keus als je dit weet. Hoe kun je je op de oordeelsdag voor God verantwoorden als je deze kennis hebt? Zo ben ik langzaam het belang van de apologetische benadering in gaan zien. Ja, het is heel belangrijk om vanuit Gods macht en wonderen te werken, maar ik heb gezien dat rationele argumenten ook heel goed kunnen werken. Er wordt vaak gezegd dat het alleen God is die overtuigt, maar ik geloof dat Hij mensen de autoriteit heeft gegeven om anderen te overtuigen, en daar is apologetiek denk ik de meest geschikte benadering voor. Onlangs kwam er een moslim over uit Turkije om zich hier te laten dopen, omdat hij tot geloof was gekomen na zulke gesprekken via skype. Ik voer vaak gesprekken op de sociale media. Op die manier heb ik ook wel contact met atheïsten gekregen, die ook tot de overtuiging kwamen: deze feiten zijn keihard, daar kun je gewoon niet omheen. Sommigen hebben ook voor Jezus gekozen. Daardoor ben ik ook begonnen me te verdiepen in het atheïsme.

Een jaar geleden ben ik voor dit doel met de organisatie Real Talk gestart. Ik besefte dat ik zelf niet heel veel mensen kan bereiken, maar dat er veel meer mogelijk is als je anderen toerust om mee te doen. Daarom ben ik begonnen met lezingen, cursussen, artikelen en video’s. Real Talk richt zich op atheïsme, islam en jodendom.

Leidt een rationele benadering er niet toe dat je langs elkaar heen praat?

Dat ligt eraan. Sommige moslims worden geraakt door emoties, bijvoorbeeld door de boodschap van de Bergrede dat je zelfs van je vijanden moet houden. Maar anderen zijn veel rationeler en proberen alleen maar te weerleggen. Als je met zulke mensen praat kan het er heftig aan toe gaan. Je moet er dan voor uitkijken om daar niet in mee te gaan door fel tegengas te geven. Je moet rustig blijven en vanuit die rust antwoorden en gewoon laten zien wat de feiten zijn. Je moet er ook begrip voor hebben als iemand boos reageert omdat je tegenspreekt waar hij zijn leven lang al in gelooft. Dit is het moeilijkste: hoe je met mensen omgaat. Ik heb geleerd dat het belangrijkste is dat je het hart van mensen bereikt.

Bereik je het hart met rationele argumenten?

Argumenten zijn het fundament waarop je alles hoort te bouwen (overigens geloof ik ook in bovennatuurlijke wonderen). Als je de feiten aangeeft heb je een fundament waarop je staat en dat niet weerlegd kan worden. Maar wat je daarna doet, dat is belangrijk. Want als je tegen iemand zegt: ‘jij zit fout’, dan moet je dat doen met de houding van Jezus, met nederigheid en liefde.

Liggen de echte geloofsblokkades niet meer op het niveau van het hart en de wil?

Alleen rationele argumenten, dat gaat nooit werken. In dode informatie zit geen leven. Maar alleen vanuit het hart gaat ook niet lukken, want dan heb je geen fundament waarop je bouwt. Je moet een fundament meegeven, en laten zien dat het klopt door je daden van liefde, doordat je echt om die persoon geeft. En doordat je tegenover God serieus bent in het praktiseren van je geloof.

Wat inspireert jou vanuit de Bijbel om op deze manier te getuigen?

Paulus, die zonder angst in zijn eentje voor duizenden stond, is mijn inspiratiebron. Hij was eigenlijk voortdurend bezig met apologetiek, naar Joden, maar ook naar Grieken. Hij leerde hun geloof kennen en gebruikte het op zo’n manier, dat hij hen kon bereiken met hun eigen taal. Maar uiteraard is Jezus voor ons het voorbeeld want hij is onze echte leraar.

Past een rationele benadering wel bij moslims?

Ik denk het wel, want in de islamitische gemeenschap is kennis zeer belangrijk. Als je kennis hebt, word je serieus genomen. Je merkt dat als je in gesprek bent met twintig moslims: negentien zijn stil als één van hen veel kennis heeft. Dan laten ze hem spreken. Want als je iets zegt wat misschien verkeerd is dan wordt dat gerekend als zonde.

Kunnen wij als christenen het maken om in de Koran aan te wijzen wat er niet klopt?

Ik praat wel over de Koran en de Hadieth, want dat is hun geloof en zo kan ik vanuit hun taal spreken. Ik heb geleerd dat we niet moeten zeggen ‘dit klopt niet’, maar dat we een vragend tegenover moeten zijn. Dat we de ander zelf laten nadenken. Als je beschuldigt gaat de ander in de verdediging en is het gesprek voorbij. Ik wil liever naast de persoon gaan staan in plaats van tegenover hem met een zwaaiende vinger. Als ze naast je staan dan is er kans dat zij de Bijbel gaan lezen. Ik heb gemerkt dat, wanneer ze de Bijbel gaan lezen, er al enig vertrouwen moet zijn dat de tekst authentiek is. Daarom is het belangrijk om eerst het obstakel uit de weg te ruimen dat de Bijbel veranderd zou zijn en dus niet te vertrouwen is. Dat is wat ze namelijk vaak geloven. Als er ergens een zaadje gezaaid is dat de Bijbel wél te vertrouwen is, dan begint de innerlijke strijd als ze zelf de Bijbel lezen en daardoor geraakt worden. Dan is het meestal een kwestie van tijd.

Is dit een blinde vlek van Nederlandse christenen, dat we weinig op dit niveau over het geloof communiceren?

Ik denk dat het voornamelijk een cultuurverschil is. Nederlanders zijn heel voorzichtig om anderen niet te kwetsen. Maar ik denk dat het gevaarlijk is om moslims met hun geloof ‘in hun waarde te laten’. Oosterse mensen zijn heel direct wat argumenten betreft. Ze zijn gewend dat iemand het zegt als iets niet klopt en ze zijn daardoor niet beledigd. Zelf ben ik door mijn directheid soms wel bedreigd, maar ik heb ik geen enkele angst voor moslims. Omdat ik met hen opgegroeid ben zie ik hen als familie, ik begrijp ze en ik houd van ze.